BoCount Dynamics EDI Instellingen

  • 3 minutes to read

Open de BoCount Dynamics EDI instellingen via de Tell Me zoekfunctie of via Alt+Q.

setup

Veld Omschrijving
EDI Nr-reeks Nr. reeks gebruikt voor de EDI berichten
EDI Provider Provider voor het ontvangen en versturen van de EDI-documenten.

EDI Provider

C&W File

Indien als provider C&W File wordt gekozen, dan worden met bestanden gewerkt.
Als bestandlocatie wordt gebruik gemaakt van de CFL Root Folder, de basismap die wordt ingesteld in de BoCount Systeeminstellingen
De ontvangen EDI berichten worden verwacht in de subfolder EDI-IN.
De uitgaande EDI berichten worden geplaatst in de subfolder EDI-OUT.

U kan de import en verwerking van de bestanden automatiseren door de taakwachtrijposten die hiervoor zijn aangemaakt te plannen.

C&W API

Indien als provider C&W API wordt gekozen, dan worden de bestanden met C&W uitgewisseld via API.
U kan de verwerking van de bestanden automatiseren door de taakwachtrijpost die hiervoor is aangemaakt te plannen.

setup

Veld Omschrijving
API Endpoint Url van de C&W API.
API-sleutel Sleutel voor de API.
OAuth2 Url Url voor OAuth2 credentials.
OAuth2 gebruikersnaam Gebruikersnaam voor OAuth2.
OAuth2 wachtwoord Wachtwoord voor OAuth2.
OAuth2 module Module voor OAuth2.
OAuth2 tenant-id Tenant-id voor OAuth2.
Bearer token Token voor de API.
Bearer token vervaldatum Vervaldatum van het token.
Actie Omschrijving
Bearer Token ophalen Verkrijg een nieuwe Bearer token voor API toegang.

Documentsoortinstellingen

De documentsoortinstellingen zijn de instellingen die gebruikt worden voor de verschillende EDI-documenten.

Veld Omschrijving
Documenttype Documenttype van het EDI-document.
Richting Richting van het EDI-document.
Actief Geeft aan of de documentsoort actief is.
Documentsoort bericht Documentsoort zoals vermeld in het EDI-document.
Bestandsextensie Bestandsextensie van het EDI-document.
E-mail E-mail adres voor het versturen van meldingen omtrent de EDI-documenten.

Klantenkaart

Op de klantenkaart kan ingesteld worden dat voor een bepaalde klant de verkoopverzendingen (EDI DESADV) en/of verkoopfacturen (EDI Factuur) en/of creditnota's (EDI Creditnota) via EDI verstuurd kunnen worden. Indien de klant met EDI werkt, moet ook zijn GLN code aangevuld worden. Via Navigeren > Verzendadressen op de klantenkaart, kunnen voor die klant één of meerdere verzendadressen opgemaakt worden, waarbij telkens ook het GLN nummer van dat adres opgegeven dient te worden.

Customer

Leverancierskaart

Op de leverancierskaart kan ingesteld worden dat voor een bepaalde leverancier de inkooporders (EDI inkooporders) via EDI kunnen verstuurd worden.

Vendor

Artikelkaart

Om met EDI te werken, moeten de juiste EAN-codes aan de artikelen gekoppeld worden, in functie van hun eenheidscode. Om de juiste artikelen te herkennen en de juiste hoeveelheden, kunnen in Business Central op meerdere plaatsen EAN-codes bijgehouden worden. Het systeem zal eerst op zoek gaan naar een juiste code in de identificaties, daarna in de artikelreferenties en als laatste in het artikel zelf. De gebruiker kan dus kiezen op welk niveau hij het liefst de EAN-codes bijhoudt.

Identificaties

Van op de artikelkaart kan je via de acties > Artikel > Identificaties de EAN-codes invullen. Dit telkens uitgedrukt in een bepaalde eenheid.

setup

Artikelreferenties

Op de artikelkaart via Gerelateerd > Artikel > Artikelreferenties kunnen barcodes ingegeven worden. Artikelreferenties worden enerzijds gebruikt om artikelcodes en -omschrijvingen op te geven zoals ze bij de klant gekend zijn, maar ook om EAN-codes toe te kennen. Doe dit telkens ook weer in functie van de eenheidscode.

ITemReference

Artikel

Indien er op bovenstaande 2 niveaus geen EAN-code wordt gevonden, dan zal het systeem als laatste gaan kijken op de artikelkaart zelf. Daar kan het veld GTIN ingevuld worden met de EAN-code van het artikel. Let wel, deze EAN-code wordt dan uitgedrukt in de basiseenheid van het artikel.

itemGTIN

Verzendprofiel

Op het verzendprofiel kan ingesteld worden dat de EDI-documenten via EDI verzonden moeten worden.
Op het verzendprofiel wordt enkel globaal ingesteld dat het document via EDI verzonden moet worden, per document wordt dan steeds gekeken naar de klant/leverancier of deze ook effectief met EDI werkt.

documentsendingprofile